19 januari 1973, jaargang 17, nummer 3
Artikel 018838
(overleden op 28 december 1972) IN MEMORIAM PROF. DR. A. F. N. LEKKERKERKER O. Mooiweer Al enige tijd wist ik, dat Prof. Lekkerkerker leed aan de gevreesde ziekte. Het schokte me toen ik dat bericht enige maanden geleden opving. Het was juist in de dagen, dat je nog bezig was het plotselinge heengaan van Prof. Dr van Niftrik te verwerken. Het zijn wel gevoelige slagen, die de Heer der Kerk aan de Hervormde gelederen heeft toegebracht. Na Van Ruler en Van Niftrik, nu Lekkerkerker om van het verscheiden van Haitjema maar te zwijgen. Men maakt zich dan ook zeker in Konfessionele kring menselijke zorgen over de bezetting van de leeg geworden leerstoelen. Een professor kan veel goed werk doen om de opmars naar links in het Hervormde kerkgeheel tegen te gaan en af te remmen.
Nu is ook Lekkerkerker ons ontvallen.
Hij is niet bijster oud geworden. Slechts negen en vijftig jaar. Het in memoriam van Prof. Dr Roscam Abbing in "Trouw" gewaagt van een weg van intens lijden in het laatste deel van het leven van Prof. Lekkerkerker op aarde. Het spreekt ook van de kracht van het geloof in de wederopstanding des vleses en het eeuwige leven.
Zo geeft en neemt de HERE! Dat is gemakkelijk gezegd.
Maar we zullen dan ook dat geven van Jahwèh nader dienen te konkretiseren, opdat de christelijke dankbaarheid de boventoon mag voeren. Lekkerkerker was een briljant theoloog.
Hij stamde uit de bevindelijke kring in de omgeving van Leerdam. Ik weet uit ervaring hoe het met een dergelijke kring gesteld is, hoewel ik uiteraard het meest met mysticistische uitwassen op het gereformeerde terrein werd gekonfronteerd.
Lekkerkerker heeft van meet af begrepen, dat hierop als antwoord alleen het volle evangelie van Jezus Christus past.
Hij heeft, om met Kohlbrügge te spreken, het Woord van God er ingeworpen. Hij kreeg daartoe eerst de gelegenheid als pastor in de Hervormde gemeenten van Noordlaren, Loosduinen en Utrecht. Daarna kon hij deze gigantische arbeid uitgebreid voortzetten vanaf de katheder van de Universiteit te Groningen. Daar heeft hij vanaf 1959 gedoceerd met name de kerkgeschiedenis en de dogmengeschiedenis, maar ook kerkrecht en dogmatiek.
De thans overleden Hoogleraar heeft zijn leven, om zo te zeggen, geïnvesteerd in het Koninkrijk Gods. Daarom was het door Gods genade ook zo vruchtdragend.
Het effekt van zijn produktieve geest is neergelegd in ettelijke boekwerken, die getuigen van grote eruditie en van een bezonnen oordeel.
Ik denk hierbij vooral aan zijn veelvuldige radiolezingen over de Sakramenten van Doop en Avondmaal. Hoe heb ik met duizenden Nederlanders destijds elke zondagavond met spanning naar zijn uiteenzettingen geluisterd. Er groeide een band, die zich niet stoort aan kerkelijke scheidsmuren.
Later ben je nog sterker gaan beseffen, dat je in alle bescheidenheid op het vlak van je gemeente uiteindelijk tegen hetzelfde vecht als wat Lekkerkerker in verschillende van zijn geschriften heeft aangesneden en blootgelegd. Wat stuit je vaak op een ontstellend gebrek aan waarachtig ge1oofsvertrouwen! Wat denkt de mens dikwijls, dat hij eerst nog dit en dat moet presteren, voordat hij ten volle verzekerd mag zijn van zijn zaligheid. Prof. Lekkerkerker heeft bijv. in zijn boek: "Doe aan mij een teken ten goede", waarin de genoemde radiolezingen gebundeld zijn, duidelijk en positief stelling genomen tegen deze fatale gedachte.
Schrijvend over het avondmaal wilde hij graag bekennen, dat hij in zijn hart een zwak had voor de schrijvers over het avondmaal in de 17e en 18e eeuw. Toch wees hij met alle waardering en liefde hun standpunt af. Nooit mag de zelftoetsing resulteren in een-zichzelf-afhouden van de tafel des Heren, alsof de dis zou aangericht zijn voor een soort élite of geestelijke upperten in de gemeente. De Heiland is daar en Hij roept U! Ik ga naar het avondmaal niet OMDAT, maar OPDAT ik geloof. De professor vertaalde de Schriftuurlijke uitdrukking, dat Jezus maaltijd hield met "hoeren en tollenaren", in 1960 op aktuele wijze met: "Jezus houdt maaltijd met de collega's van Magere Josje."
Zijn uiteenzetting over de teneur en de inhoud van I Korinthiërs 11 is bizonder leerzaam en boeiend. Er is daar geen sprake van, dat de apostel zou gaan onderscheiden tussen waardige en onwaardige mensen. Paulus trachtte de gemeente te brengen tot een waardige viering van het avondmaal van de Heer. Men had het avondmaal, dat toen nog een volledige maaltijd was, laten verworden tot een braspartij en zo een aanslag gepleegd op de gemeenschap der kerk.
Ik denk in dit verband vooral aan een boek, dat Lekkerkerker al veel eerder schreef. Ik bedoel het prachtige boek: "De Reformatie in de Crisis", Wageningen, 1949. Daaruit benadert de Groninger dogmaticus op een uiterst fijnzinnige en eerbiedige manier het mysterie van het avondmaal des Heren. Hij onderstreept de samenhang tussen Avondmaal en Pinksteren.
Immers: het is door de Heilige Geest, dat we verenigd worden met Christus!
"Wat is de Heilige Geest?" Geen vraag, die zo moeilijk, geen vraag, die zo gemakkelijk is te beantwoorden. Het is er ongeveer mee, als wanneer iemand vraagt: wat is licht? of: wat is muziek? of: wat zijn kleuren? (gedachte ontleend aan wijlen Ds Den Hartog te Den Haag). Geleerden beschrijven het licht als een trilling in de aether. " muziek als harmonie van klanken ... maar probeer het eens te zeggen aan een blinde of een dove. Dan weten we meteen, dat het moeilijk valt te zeggen. En toch, het is zo gemakkelijk: licht is, wat daar speelt over het water, wat daar glanst over de berken. Muziek: daar zingt de nachtegaal. Kleur: "de diepe wei staat wit en geel van bedauwde bloemen".
Zeg eens, wat licht is, muziek, kleur. Men kan het niet uitleggen, alleen maar beleven ... Zeg het eens wat de Heilige Geest is. Heus, we hoeven onze hersens niet te wringen tot een formule ...
Zeg het eens, wat Avondmaal is. Men kan het niet begrijpen, alleen maar ervaren"
(a.w. p. 116, 117). Toch verleidde dit alles Lekkerkerker niet tot een vorm van sakramentalisme.
Hij herinnerde zich het liedje, dat de mensen zo graag in een evangelisatiesamenkomst zongen:

De dierbre Heiland is nabij,
de liefdevolle Jezus,
Zijn woorden troosten u en mij,
0, hoort de stem van Jezus.

En dan voegt de bekwame auteur er aan toe: "Christus is in het Wóórd tegenwoordig met al Zijn gaven en in dat Wóórd komt Hijzelf".
Prof. Lekkerkerker was enorm goed in de belijdenisgeschriften thuis, getuige o.a. zijn boek: "Gesprekken over de Heidelberger" opnieuw een verzameling radiolezingen.
Hij heeft zich verdiept in de publikaties van de reformatoren en ons het resultaat daarvan op een vaak beeldende manier meegedeeld. Hij heeft de nieuwe theologie geanalyseerd en gefulmineerd tegen de dood-is-dood theorie. Zo is de hoogleraar aan een slepende kwaal bezweken. Maar Christus heeft Zich, naar Luthers woord, ook in zijn dood gestoken.
Daarvan mag hij nu het effekt ervaren in de nabijheid van zijn Heiland! En wij gedenken hem met dankbaarheid!




2007-2014 Persvereniging Opbouw