1 oktober 2004, jaargang 48, nummer 19
Artikel 003075
Leren van christenen in India Doelgerichtheid en offerbereidheid P. van Kampen Mijn vrouw had studieverlof en wilde dat vormgeven in India. En ik mocht mee. Samen hebben we lesgegeven aan een theologische opleiding in Chennai (vroeger Madras geheten) in de deelstaat Tamil Nadu. Daarnaast deed ze onderzoek. Ze had zich tot taak gesteld uit te zoeken wat wij kunnen leren van Indiase christenen.
Zij vormen al eeuwen lang een (kleine) minderheid in hun land, terwijl wij in het Westen bezig zijn het hier te worden.

Schoenen buiten de kerk: teken van eerbied voor Gods aanwezigheid (foto Pieter van Kampen)
Maar 21/2-3 % van de Indiase bevolking is christen, in alle denominaties.
Hoewel, maar… dat betreft nog steeds zo’n dertig miljoen mensen, ongeveer het dubbele van de totale Nederlandse bevolking! Binnen die 'zee van Hindoeïsme' (800-900 miljoen mensen) lijkt dat echter een verwaarloosbaar klein aantal. India telt ook 100 miljoen aanhangers van de islam; na Indonesië wonen nergens ter wereld meer moslims dan in India…

Verboden
Er is de laatste tien jaar veel onheil uitgestort over minderheden in India; ook christenen werden getroffen.
Vooral uit de noordelijke deelstaten Bihar, Orissa en Gujarat werden geregeld incidenten gemeld: intolerantie van hindoes tegenover andersgelovigen - vooral moslims, maar zeker ook christenen. Met enig tamtam werd in de zuidelijke deelstaat Tamil Nadu, met relatief veel christenen, een 'antibekeringswet' geïntroduceerd. Het was voortaan verboden om van religie te veranderen, al stond vrijheid van godsdienst als zodanig onverkort in de grondwet. Nauwelijks was in mei j.l. een einde gekomen aan het bewind van hindoefundamentalisten – de regeringspartij BJP werd geheel onverwacht weggestemd - of deze omstreden wet werd prompt afgeschaft, tot opluchting van de christenen.

Bekeringen
Die wet was namelijk vooral tegen onze broeders en zusters gericht. Om een heel simpele reden. In het India van de 21e eeuw komen veel mensen tot geloof in Christus. En die tendens wilde de overheid tegengaan, desnoods met juridische machtsmiddelen. Maar het laat onmiddellijk zien waar we het over moeten hebben: ook een getalsmatig kleine kerk kan een grote missie hebben, en aanzienlijke uitstraling. De kerk in India, verdeeld als die helaas is (er zijn zeker niet minder kerkgenootschappen dan hier), wordt wel degelijk door de buitenwacht opgemerkt! En er blijkt veel elan. Waar we maar keken, overal zagen we grote activiteit en wezenlijke toewijding aan de Here God. En een besef: dit is de tijd!

Indrukwekkend
We brachten eerst een week door in een stadje in Kerala, een deelstaat met een numeriek vrij sterke christelijke bevolking. Varkala, een piepklein vissersdorpje dat tot een bescheiden toeristencentrum omgebouwd wordt, bleek zelf sterk hindoeïstisch. Overal stonden borden die 'ayurvedische geneeskunde' aanprezen, zoals er ook veel reclame werd gemaakt voor 'reiki', dat volledig onderdeel van oosterse religies geacht werd (terecht, al ontkennen westerse reiki-beoefenaars dat soms.) Op zondag wilden we graag naar een kerk en een van de bedienen in ons kleine hotel wist er een; hij ging er zelf naar toe. De kerk in kwestie bleek een rooms-katholieke kerk te zijn; wellicht was het de enige in de hele stad.
De roomse liturgie is ons niet geheel onbekend, maar van het lokale Malayalam verstonden we natuurlijk geen woord. Na afloop vertrok de priester snel; hij had meer parochies.
Maar het samenzijn bleek nog niet voorbij. Onder leiding van een lekebroeder werd er vurig gezongen en gebeden; nog steeds in het Malayalam, maar geregeld werd 'Hallelujah' of 'Praise the Lord' geroepen en dat verstonden we wel. De traditionele parochie veranderde onder onze ogen in een charismatische gemeente, waar in tongen gebeden werd! Na afloop spraken we met de lekebroeder, lid van een leefgemeenschap, die me vertelde dat dit soort ontwikkeling in heel katholiek India aan de orde was. We waren zeer onder de indruk van zijn verhalen over sociaal werk dat men onder allerarmsten deed. Aanzienlijke aantallen hindoes kwamen zo tot geloof in Christus. 'Wat zeggen jullie tegen hen?' wilden we weten. 'Dat, als ze hindoe waren, ze goede hindoes moesten zijn en als ze moslim waren, goede moslims. Maar als ze verlost willen worden, kunnen ze alleen terecht bij Jezus Christus, want dat is de Zoon van de Hoogste God.' Toen waren we nog meer onder de indruk.

Duizenden mensen
Datzelfde gegeven hoorden we steeds.
Er komen in India veel mensen tot geloof in Christus. En er is elan bij de gelovigen om, in daad en woord, uit te dragen wat het inhoudt om Hem toe te behoren. Daarbij maakten we vaak dingen mee die het gevestigde beeld van andere kerkgenootschappen wat aan het wankelen bracht. In een pinksterkerk – drie kerkzalen boven elkaar; in de grote zaal zaten zo’n zesduizend mensen; elk anderhalve uur begon er een nieuwe samenkomst met dat soort aantallen aanwezigen – hebben we een zeldzaam diepgravende en exegetisch verantwoorde preek voor jongeren gehoord. Het verhaal wordt eentonig: we waren er zeer van onder de indruk.
Het meest bijzondere vonden we echter de sfeer en de inhoud op JMBC, de opleiding waar we vijf weken les gaven. Een kleine campus, met zo’n tachtig tot negentig studenten, uit heel India. En een aantal docenten en stafleden met hun gezin. Een enorme gedrevenheid, een missionaire drang die we in het Westen niet zo vaak tegenkomen, een offerbereidheid die ook opmerkelijk was. Naast een soms beperkte vooropleiding was het meest kenmerkend de visie die nagenoeg iedereen had voor het eigen land.
'India moet het Evangelie horen!' Ik ga daar graag nog een keer op door.
2007-2014 Persvereniging Opbouw